NIEUWS
RECENSIE: Beowulf, Etcetera Theatre ✭✭✭
Gepubliceerd op
Door
stephencollins
Share
Beowulf
Etcetera Theatre, Camden
13 februari 2015
3 sterren
Het allerleukste aan het zien van nieuw werk is dat je nooit precies weet wat je kunt verwachten. Beroemde, gevestigde schrijvers, acteurs of regisseurs kunnen betrokken zijn bij mislukte producties. Onbekend talent kan theatrale alchemie creëren. En zaken kunnen totaal anders uitpakken dan ze op het eerste gezicht lijken.
Beowulf was het eerste literair werk waarover ik op de universiteit een essay moest schrijven. Een enorm, uitgestrekt episch gedicht, vol archaïsche taal en volgens mijn geleerde tutor het krachtigste voorbeeld van traditionele mondelinge overlevering, generaties lang doorgegeven en uiteindelijk op schrift gesteld. Een soort verbatim-poëzie. Hard werken, maar op sommige momenten zeer meeslepend.
Autojeu Theatre presenteert nu Beowulf in het Etcetera Theatre in Camden. Het draagt misschien dezelfde naam als het grote epos, maar daar houdt de vergelijking ook wel op.
Het is een theatraal stuk, vermoedelijk bedacht door de twee sterren: Sam Gibbs en Pete Buffery. Deels improvisatie, deels strakke comedy-routine, deels pantomime, deels musical, deels fysiek theater en deels klinkklare onzin; deze Beowulf is een fantasierijke komische ontdekkingsreis langs de randen van de vaudeville. Het laat zich niet in een hokje plaatsen, en dat is zeker niet negatief bedoeld.
In de kern staat een onwaarschijnlijk, maar werkelijk opmerkelijk komisch duo. Gibbs is de bebaarde, stoere mannelijke diva die zijn versie van de Beowulf-legende aan het publiek vertelt. Hij speelt alle rollen met humor en brutaliteit, en doorbreekt de vierde wand zodra er een lach te behalen valt of een bezoeker extra aandacht nodig heeft. Vanuit zijn personage gezien is híj het enige dat telt; die blonde muzikant staat er puur als levende geluidseffectenmachine.
'Blondie' (Buffery) ziet dat anders. Vanuit zijn perspectief is dit een echt duo, waarbij beide performers essentieel zijn voor het succes van de voorstelling. Hij is verontwaardigd over de manier waarop Gibbs alle aandacht opeist en hem minachtend behandelt. Hij zint dan ook op wraak, vastberaden om zijn rechtmatige plek op te eisen tijdens het slotapplaus.
Met deze opzet presenteert het duo een dwaas verhaal over een dwaze Beowulf die dwaze avonturen beleeft en allesbehalve dwaze draken verslaat. Het volgt heel losjes de gebeurtenissen uit het oude gedicht, maar de kracht zit hier niet in het verhaal zelf, maar in de manier waarop het verteld wordt.
Zowel Gibbs als Buffery zijn uitstekende, maar zeer verschillende clowns en beiden beschikken over die zeldzame gave: het vermogen om een publiek te boeien met een simpele blik, een ondeugende grijns of een perfect getimede wenkbrauw. De beste momenten in deze Beowulf ontstaan wanneer ze op elkaar inspelen en de lachsalvo's opwekken door hun synchroniciteit, sublieme timing en aimabele (gespeelde) minachting voor elkaar.
Gibbs heeft veel materiaal om mee te werken, aangezien het leeuwendeel van de voorstelling op zijn schouders rust. Hij is eindeloos inventief in de manier waarop hij verschillende personages neerzet en het verhaal vertelt, waarbij hij moeiteloos van stem en houding wisselt. Hij verdient extra punten voor zijn belachelijke pantomime, in het bijzonder de door een discobol versterkte zwemscène. (Extra punten als zijn capriolen, zoals het leek, gebaseerd waren op het onderwaterspektakel van Shelley Winters in The Poseidon Adventure).
Ook Buffery doet zeker niet onder op komisch vlak. Hij is meesterlijk in de 'deadpan' blikken waar Jack Benny jaloers op zou zijn geweest en vult de rol van de zwijgzame aangever (à la Madge Allsop) prachtig in. Hij is een goede vocalist en zijn composities (vermoedelijk van eigen hand) zijn intrigerend en sfeervol. Hij is een multi-instrumentalist die elk instrument met overtuiging bespeelt en de acties van Gibbs voorziet van uiterst grappige en strak getimede geluidseffecten.
Het stuk is iets te lang (zelfs met ongeveer 60 minuten) en gedurende een te groot deel van de voorstelling heeft Buffery niets te doen. Maar het is onmiskenbaar vindingrijk en er valt veel te lachen. Hoogtepunten zijn onder meer Buffery’s vocale imitaties van de zwaarden waarmee de held van Gibbs zwaait, de sequentie waarin de controle over de percussie (die het tempo van Beowulfs leger aangeeft) overgaat van Gibbs naar Buffery, en het schitterende fragment waarin Gibbs twee geliefden speelt die elkaars hand vasthouden.
Op hun website zegt Autojeu: "Als gezelschap zien we de beperkingen op creativiteit en spel die aan kinderen worden opgelegd. Met ons werk moedigen we kinderen aan om het spel te omarmen en helpen we volwassenen hun jeugdigheid te herontdekken en zich te herinneren hoe het is om te 'spelen'. Spel is niet alleen onschuldig gek doen; het is een mentaliteit, een mentaliteit die meegenomen kan (en moet) worden naar de werkvloer en het dagelijks leven. We hopen met ons werk 'spel' naar ons publiek te brengen. Spel is niet alleen onschuldig plezier, het is plezier vinden in alles. Spel is te vinden op de meest ongebruikelijke plekken. Het is te vinden terwijl je tegen je baas liegt over waarom je te laat bent, wanneer je de laatste bus naar huis hebt gemist, of nadat je een geliefd huisdier de laatste eer hebt bewezen. Spel ligt voor het oprapen, en dat is wat wij proberen te doen."
Trouw aan hun woord vinden ze de humor op een onverwachte plek: Beowulf.
Absoluut de moeite waard als je zin hebt in iets totaal anders.
Ontvang het allerbeste van het Britse theater direct in je inbox
Wees er als eerste bij voor de beste tickets, exclusieve aanbiedingen en het laatste nieuws uit West End.
U kunt zich op elk gewenst moment afmelden. Privacybeleid