NIEUWS
RECENSIE: The Quentin Dentin Show, Original London Cast Recording ✭✭✭✭
Gepubliceerd op
Door
julianeaves
Delen
Julian Eaves recenseert de originele cast-opname van The Quentin Dentin Show.
The Quentin Dentin Show Originele Cast-opname 4 Sterren Bestel nu een exemplaar Er is iets bijzonder passends aan een show die volledig over popmuziek gaat wanneer deze wordt gepresenteerd in de vorm van een album. In feite voelden de theaterproducties van 'Quentin Dentin' (en dat zijn er tot nu toe acht geweest – een weerspiegeling van het constante herschrijven door bedenker Henry Carpenter) stuk voor stuk meer aan als live rock-'n-roll-concerten dan als uitvoeringen van een conventionele musical. Onlangs nog in het Tristan Bates Theatre, met een script dat werd bewerkt door de hippe schrijver en performer Tom Crowley in een regie van Adam Lenson, kwam dit aspect nog sterker naar voren, met muzikanten in witte overalls verspreid door het schematische decor van een huiskamer. Het is toevallig ook deze versie van de partituur die de basis vormt voor de cast-opname. Het magische nieuwe ingrediënt hier is producer (en mede-oprichter van The Kooks) Paul Garred. Garred en Carpenter werken buiten dit project om aan minstens één ander groot project en er is een hoge mate van artistieke verstandhouding tussen het tweetal. De plaat trapt af met een grungy montage van radiostoringen en achtergrondgeluiden, geheel in de stijl van de 'conceptalbums' uit de jaren zeventig die weer helemaal in de mode raken. Daarna gaan we over in een dreunende, met synths beladen Britpop-titeltrack, die klinkt als een vrij traditionele 'I want'-song. Garred geeft de stemmen alle ruimte die ze nodig hebben, en we zouden met plezier langer in hun gezelschap vertoeven, maar de meeste tracks zijn kort, bijna tot aan het abrupte toe. Ook in het schrijfwerk van Carpenter vliegen de teksten – slim en vakbekwaam geschreven, vaak met een vlijmscherp sociaal-politiek randje – je om de oren, zozeer zelfs dat je snakt naar een moment om adem te halen, om alles te verwerken en het geheel te verteren. https://www.youtube.com/watch?v=rlnlSD87fhU Toch is de vrolijkheid van nummers als 'Lemons' een genot. In de titelrol zingt Luke Lane met precisie en eerbied voor de noten en tekst; hij is leuk, maar misschien net iets te braaf en keurig – ik heb hem op het podium gezien als de Bastaard in 'King John' bij The Globe en ik weet dat hij een stuk ondeugender kan zijn als hij wil: en dit personage schreeuwt daar simpelweg om. Daarentegen maakt de prachtig ingehouden Shauna Riley als Nat, die meer ervaring heeft met de show na talloze wijzigingen in script, schaal en locatie, een absoluut triomf van 'Holiday', een nummer dat inderdaad met haar eigen stem in gedachten is geschreven. Het is echt hitgevoelig materiaal, maar – alweer – misschien is het afgelopen voordat het de kans krijgt ons echt te grijpen. Hetzelfde geldt voor 'Friendzone', een charmant nummer, maar zo kort. '(Making) People Like You' – een titel met een vernuftige dubbele bodem – komt beter uit de verf door de sterke integratie in het verhaal. En dan heeft de ijzige rilling van 'Too Weak To Refuse' een Bowie-achtige hypnotiserende schoonheid; dat moment hadden we graag iets langer willen koesteren dan we hier krijgen. Voor we de kans krijgen om echt verleid te worden door de muziek, gaan we razendsnel over naar 'The Quentin Dentin TV Show', weer een nummer met een ijzersterke hook en een funky discobeat. De teksten zijn subliem, waarbij de titelregel ('tee-VEE show') rijmt op 'In ev'ry language and credo', een kenmerkend voorbeeld van Carpenters vakmanschap. Wat interessant is aan dit nummer, is dat hij hint naar een ontwikkeling van het hoofdpersonage, iets wat – nog steeds – grotendeels ontbreekt in dit entertainment. Hoewel het muzikale landschap zorgvuldig is opgebouwd, blijft de dramaturgische vorm van de show hardnekkig ongrijpbaar. Ik hoorde echter dat er verdere bewerkingen op komst zijn. Maar als we van die stampende rock-'n-roll krijgen zoals in 'The Blame Game', moeten we ons daar dan echt druk om maken? In zekere zin werkt deze show momenteel veel beter als album dan op het toneel. 'Life', bijvoorbeeld, is een nummer dat gemakkelijk vroeger in de show geplaatst zou kunnen worden: het zet de toon beter dan welk ander nummer dan ook en voelt in alles aan als een openingsnummer, behalve qua plek op het album. De universele boodschap spreekt het publiek veel sterker aan dan de specificiteit van de huidige opener. Ook 'Get Happy' voelt aan alsof het in de expositie thuishoort; het vertelt ons zoveel over wie Quentin is en zorgt dat we ons iets nauwer met hem verbonden voelen, of dat althans denken. 'Take Your Medicine' (dat ik altijd associeer met 'The Brain Machine') brengt ons terug in de vaart van de ontknoping, en stuwt ons naar de climax van het verhaal: de botsing tussen menselijkheid en mechanisatie; het is een heerlijke, rauwe 'stadium stomper', die het publiek in de zaal gegarandeerd aan het pogoën krijgt. (Nou ja, misschien.) Interessant genoeg zou de veel meer Engelse pop van 'All Together Now' (The Kinks ontmoeten The Beatles... ÉRG Beatles!) wel eens precies dezelfde fysieke reactie kunnen uitlokken, met de armen in de lucht zwaaiend en een a capella-achtig slot met handgeklap. Afgesloten met een flinke dosis publieksgejuich van de band. En een messcherp einde. Heel erg rock-'n-roll.
KOOP HIER DE CAST-OPNAME VAN QUENTIN DENTIN
Deel dit artikel:
Ontvang het allerbeste van het Britse theater direct in je inbox
Wees er als eerste bij voor de beste tickets, exclusieve aanbiedingen en het laatste nieuws uit West End.
U kunt zich op elk gewenst moment afmelden. Privacybeleid