NIEUWS
RECENSIE: The Clown Of Clowns, Arcola Theatre ✭✭✭✭✭
Gepubliceerd op
Door
timhochstrasser
Share
The Clown Of Clowns
Arcola Studio 2
04/08/15
5 Sterren
Avondvullende dubbelprogramma's kunnen vaak een uitdaging zijn. Zelden vormen ze een harmonieus geheel: de ene helft lijkt vaak slechts opvulling voor de andere, een zoethoudertje om de avond te rekken; of de thema's trekken je alle kanten op; of het scherpe contrast tussen komedie en tragiek laat een nare nasmaak achter. Een van de grootste successen van The Clown of Clowns is dat de twee helften van de avond juist perfect op elkaar aansluiten en elkaar op verhelderende wijze aanvullen. De eerste helft bestaat uit Schoenberg’s Pierrot Lunaire, een stuk voor sopraan en kamerensemble dat zelfs een eeuw na de première nog weet te choqueren. We moeten even stilstaan bij de uitdagingen die dit werk biedt. Er wordt vaak veel ophef gemaakt over de atonaliteit en de Sprechgesang (ritme en toonhoogte liggen vast, maar worden niet aangehouden), maar dat zijn eigenlijk de kleinste struikelblokken. Aan de klankwereld wen je wel na een tijdje, mede dankzij de traditionele vormen (canon, fuga, dansvormen) die houvast bieden. Lastiger zijn de bevreemdende teksten – 21 symbolistische gedichten – en het genre: het melodrama, dat voor ons inmiddels vreemd terrein is geworden. Hoewel de melancholische clown Pierrot een bekend figuur is, dompelt de Franse poëzie (van Albert Giraud, in het Duits vertaald door Otto Hartleben) ons onder in donkere, bijna dreigende en tegelijkertijd abstracte sferen.
Er is geen vast omlijnd verhaal, enkel een reeks suggesties over de destructieve gevolgen van ongebreideld verlangen dat uitmondt in verdorvenheid. Sensuele beelden van drank, dans, juwelen en parfum worden verkend, naast symboliek rond de maan, ziekte, de nacht, religie en natuurlijk de dood. Er hangt een sfeer van weemoed en spijt over verloren liefde, geluk en vaderland. Hoewel de vertalingen in het programmaboekje helpen, missen we tegenwoordig de manier waarop dit werk bedoeld is als zowel een ode aan als een ondermijning van het indertijd populaire melodrama. We kennen melodrama nu vooral als voorloper van filmmuziek, maar wat Schoenberg hier doet is een stoffig burgerlijk genre pakken en dit omvormen tot een gewaagd vehikel voor het Duitse expressionisme.
Elke herinterpretatie moet dus die emotionele risico's weer opzoeken, en daar slagen artistiek leider Leo Geyer en regisseur Joel Fisher uitstekend in. De vijf muzikanten staan achterin de zaal, terwijl er op het podium voor elk van de 21 nummers een ballet-interactie plaatsvindt. Soms is dit tussen zangeres Emma Stannard (gekleed alsof ze zo uit een schilderij van Klimt is gestapt) en Pierrot (Matt Petty), soms tussen Petty en andere figuren uit de commedia dell’arte, zoals Colombina (Amelia O’Hara) en Cassandre (Peter Moir). Elke beweging richt zich niet zozeer op het verhaal, maar op de emotionele kern van het gedicht. Dit bleek verhelderend zonder dwingend te zijn. Pierrot is al lastig genoeg in een concertsetting, laat staan geënsceneerd, en alle uitvoerders verdienen lof. Stannard zat volledig in haar rol en de muzikanten speelden messcherp. In de beperkte ruimte creëerden de dansers, met name Petty, ontroerende beelden vol technische vakkundigheid en poëtische gratie, afgewisseld met momenten van geweld die de instabiele aard van de tekst weerspiegelden. De choreografie van Alfred Taylor Gaunt wist Pierrots zelfhaat en onderdrukte woede feilloos te vangen. Leo Geyer leidde het geheel met autoriteit door de veeleisende partituur. Hoewel de eerste helft slechts 40 minuten duurde, was deze emotioneel uitputtend. Je kon je bijna niet voorstellen wat hierna moest komen. Maar de tweede helft – een ‘circus-extravaganza’ genaamd Sideshows, op tekst van Martin Kratz en jazz-geïnspireerde muziek van Geyer – was een absoluut genot. Geyer verscheen als spreekstalmeester in vol ornaat en de muzikanten kwamen verkleed terug als typetjes zoals 'Honker' en 'Scraper'. De muziek was net zo compromisloos als die van Schoenberg, maar door de humor en het elan van de spelers werden de personages trefzeker neergezet. We zagen clowns, een waarzegster, een dansende beer en een kindsterretje, Delilah, met haar bebaarde moeder. Traditionele circus- en balletconventies werden heerlijk op de korrel genomen, terwijl de sfeer van de eerste helft subtiel doorkonk.
Deze voorstelling is een samenwerking tussen twee ensembles: Constella Ballet and Orchestra en Khymerikal. Het is een bewijs van hun geloof in de bevrijdende wisselwerking tussen dans en eigentijdse muziek. Die synergie werd hier prachtig tastbaar gemaakt. De hele avond vormde een verkwikkend begin van het Grimeborn Festival in het Arcola Theatre. We kregen nieuwe inzichten in een oud werk dat normaal gesproken wat ontoegankelijk kan zijn, terwijl de tweede helft de uitgelaten kanten van het circusleven de vrije loop liet. Traditie en vernieuwing, de kernwaarden van Grimeborn, waren hier perfect in balans.
Ontvang het allerbeste van het Britse theater direct in je inbox
Wees er als eerste bij voor de beste tickets, exclusieve aanbiedingen en het laatste nieuws uit West End.
U kunt zich op elk gewenst moment afmelden. Privacybeleid